Dian
Deel verhaalZeventig jaar lang droeg Dian haar verhaal in stilte met zich mee. Pas op haar 87ste begon ze erover te praten. Wat volgde was geen terugblik vol spijt, maar een onverwachte bevrijding. In haar openhartige verhaal laat Dian zien dat je nooit te oud bent om te herstellen.
Nooit te oud om jezelf te vinden
Op haar 87ste zit Dian aan tafel, de handen rustig gevouwen en in haar stem klinkt een soort vastberaden zachtheid. Ze weet dat wat ze gaat vertellen te groot is om nog langer binnen te houden. “Het maakt eigenlijk niet meer zoveel uit,” zegt ze. “Mijn omgeving weet het. En ik heb niets meer te verliezen. Als anderen het weten, verandert mijn leven niet meer. Maar misschien dat ik met mijn verhaal wel nog iemand anders kan helpen.”
Ze straalt tegenwoordig, zeggen mensen. Zelf voelt ze dat ook. “Ik ben blij,” zegt ze zonder aarzeling, alsof dat een nieuw woord is dat eindelijk bij haar past. Maar om te begrijpen hoe groot dat woord voor haar is, moet je terug naar het begin. Naar een meisje van zeven dat nog niet wist dat één onuitgesproken ervaring een leven lang alles op slot kon zetten.
Een gehoorzaam kind
Dian groeit op in een groot Brabants gezin met veertien kinderen. Ze is op één na de jongste. “Ik was een heel gehoorzaam kind,” zegt ze. “Netjes. Stil. Mijn schortje was altijd schoon. En dat werd dan tegen de andere kinderen gezegd: ‘Neem es een voorbeeld aan Dian.’
Het gezin is ondernemend en vredig, maar regels zijn regels. Als de groten praten houden de kinderen hun mond, is thuis geen uitdrukking maar gewoon de dagelijkse werkelijkheid. Er is weinig ruimte om jezelf te laten horen, laat staan om iets ingewikkelds te vertellen.
En dan is er dat moment. Ze is zeven en het is kerst. Ze weet niet meer precies wat er is gebeurt met de buurjongen, maar ze voelt iets wat ze niet kent. Iets dat niet klopt. In haar herinnering staat haar moeder bij de kerstboom. “Wat is er?” vraagt ze. “Niks,” zegt Dian. “Ik wil naar de kerk.”
Tijdens therapie – meer dan zeventig jaar later – blijkt dit de ervaring te zijn die haar toekomst zou gaan vormgeven: een leven waarin gevoelens worden onderdrukt en waarin geleefde pijn wordt stilgemaakt.
“Ik was een heel gehoorzaam kind,”
De tweede klap
Op haar vijftiende, ze werkt dan in Den Bosch, gebeurt er opnieuw iets dat ze nergens kwijt kan. Een jongen die vriendelijk lijkt. Een steegje. En geweld dat ze pas zeventig jaar later hardop durft te benoemen.
“Ik werd door die jongen verkracht en daar heb ik nooit over gepraat,” zegt ze. “Pas vorig jaar voor het eerst, zeven decennia later.”
Dian leerde dat gevoelens gevaarlijk zijn. Dat je dat maar beter kunt verstoppen dan ze te doorvoelen. “Ik leefde afstandelijk,” zegt ze. “In een gezelschap voelde ik me alleen, tenzij ik met één persoon kon praten. Dan ging het wel. Maar verder… Ik voelde me niet gezien en ik zag mezelf ook niet.”
Werken als houvast
Dian werkt vanaf haar veertiende. Eerst in het ziekenhuis, later op kantoor. “Ik wist niet beter dan te werken. Je doet wat je moet doen. Er is geen ruimte om te ontdekken wie je bent, want elke dag vraagt iets van je. Poetsen, zorgen, helpen, wegcijferen. Dat ging gewoon automatisch.”
Als ze haar man leert kennen, kiest ze hem vooral uit plicht. Om voor hem te zorgen. “Ik dacht: ik wil geen oude vrijster worden en hij had toch ook recht op een relatie?” Ze lacht er zachtjes bij, maar het is geen vrolijke lach. “Een soort van liefde was er wel”, zegt ze, “maar die liefde echt voelen was iets anders. Ik heb van mijn kinderen gehouden, maar ik denk niet dat ik liefde heb kunnen geven. Alles zat verstopt.”
De scheiding en een nieuwe ruimte
Na jaren van hard werken, zorgen en meebewegen, komt er een kantelpunt als haar man een affaire krijgt met een ander. Dian besluit te scheiden en gaat door met haar drie kinderen en een leven dat opnieuw moet worden ingericht.
“Ik voelde me verantwoordelijk voor alles,” zegt ze. “Maar ik wist niet hoe ik voor mezelf moest zorgen.” Toch ontstaat er langzaam wat ruimte. Ze volgt opleidingen, haalt diploma’s, gaat naar de kunstacademie. Ze maakt kunst, geeft voetreflex, leert over energie en lichaam.
Maar het échte werk, het werk van binnen, blijft liggen. Omdat ze niet weet dat het er ligt. Totdat ze op een dag bij toeval iets op tv ziet.
Een vrouw spreekt over trauma op jonge leeftijd en wat dat met een mens doet. Dian kijkt en er gebeurt iets. “Ik dacht: dat heb ik, en dat, en dat.” Voor het eerst klopt een verhaal buiten haar, met een verhaal binnen haar. De dag daarop maakt ze een afspraak bij de huisarts.
De deur die opengaat
De huisarts verwijst haar door naar een psycholoog. Daar hoort ze de diagnose posttraumatische stressstoornis. En dat er een mogelijkheid is om er mee om te leren gaan, EMDR.
Dian is tachtig-plus, maar de psycholoog zegt dat leeftijd niet uit maakt. En dus begint ze, eerst voorzichtig. Dan steeds dieper.
“Ik wist niet dat het zóveel met me gedaan had,” zegt ze. “Ik wist het gewoon niet. Ik dacht dat ik gewoon zo was. Dat het mijn karakter was.”
Het verwerken brengt fysieke reacties: schokken, versneld lopen, lachen. “Maar toen kwam het punt waarop het weg was.”
En dan gebeurt er iets wat ze nooit voor mogelijk had gehouden.
De eerste glimlach in tachtig jaar
Een paar weken voor kerst stuurt haar zoon haar een foto. Hij heeft een kunstwerk/installatie van Dian in zijn huis opgehangen. “Dat deed zoveel met me,” zegt ze. “Alsof ik opeens voelde: dat heb ík gemaakt. Dat gevoel kende ik niet.”
Als ze bij hem op bezoek is zet ze de installatie aan en hoort het geluid, ziet de beweging van haar werk. Ze wordt gegrepen door haar emoties en valt bij haar zoon in de armen. “Voor het eerst voelde ik dat er ruimte was voor ontroering. Dat het er mocht zijn.”
De kerst viert Dian samen met zoon en kleinkinderen bij haar dochter, omringd door liefde die ze voor het eerst werkelijk kan voelen. “Het was absurd goed,” zegt ze. “Zó mooi. ’s Avonds toen ik thuis kwam heb ik gedanst. Gewoon in m’n eentje gedanst, omdat ik me zó blij voelde.”
De schaamte die wegspoelt
In de laatste EMDR sessies pakt ze de moeilijkste laag aan: schaamte. Het diepe, oude, ingebrande gevoel dat ze anders is, dat ze moet zwijgen, dat ze geen ruimte mag innemen.
Tijdens de sessie heeft ze een droom. Ze zit in een ruimte vol mensen die naar haar kijken. Ze loopt weg, komt in een andere ruimte en merkt ineens dat ze naakt is. Mensen wijzen haar na en schaamte overvalt haar. “Toen kwam er iemand langs me. Ook naakt. Die gaf me een hand. En toen was het over.”
Dat beeld — iemand die haar ziet, haar hand pakt, en haar meeneemt naar een plek zonder schaamte — is voor haar het symbool geworden van herstel. “Ik durfde mezelf eindelijk kwetsbaar op te stellen.”
Leren spreken, op je 87ste
Nu volgt ze cursussen om beter te leren communiceren. Niet omdat ze moet, maar omdat ze wil. “Ik heb nooit geleerd om te praten,” zegt ze. “Thuis niet, in mijn huwelijk niet. En nu leer ik dat alsnog.” Ze leert luisteren zonder alles mee naar huis te nemen. Ze leert praten zonder schaamte. En ze leert dat ze niet te oud is om te groeien en om zichzelf iets nieuws te gunnen. “De psycholoog zei: Je hebt laten zien dat EMDR op elke leeftijd waardevol is.”
Wat ze de wereld wil nalaten
“Ik zou het van de daken willen schreeuwen,” zegt ze. “Doe het. Ga het aan. Ook als je oud bent. Ook als je bang bent. Want het is zó de moeite waard. Ik heb misschien nog maar een paar jaar, maar het zijn nu wel gelukkige jaren.”
Aan het einde zegt ze iets dat in de lucht blijft hangen.
“Ik heb geen spijt. Ik heb gedaan wat ik toen kon. Maar ik heb wel medelijden met dat meisje dat alles alleen moest dragen. En ik zou haar graag een knuffel geven.”
Dan kijkt ze op, haar ogen helder.
“Maar weet je… ik ben ook trots. Want ik heb het toch maar gedaan. Ik ben er doorheen gegaan en kies nu mijn eigen weg.”